De Jongen #106 – deel 2 | Gevecht om Villa Veertig

17:37

Isaac en Haitske namen Enrique en Raúl mee. ‘Omhoog!’ zei Isaac luid en tikte op zijn ring. ‘Hé, hé, what are you doing?’ vroeg Raúl verontwaardigd. De twee buitenlanders werden opgetild en hoe verder Isaac’s hand omhoog ging, hoe hoger de lichamen rezen. Haitske maakte een beweging en de lichamen draaiden op de kop. ‘My blood. My blood! gilde Enrique het uit. ‘It’s going to my head!’ Isaac bewoog zijn hand heel snel op- en neer en op datzelfde tempo beukten Enrique en Raúl’s hoofden op de grond, totdat Isaac stopte en ze doodstil op de grond bleven liggen. Haitske en Isaac deelden een high-five uit en stapten over de lichamen van de Spanjaarden heen.

17:51

In de beeldentuin stonden Chico en Jaume tussen de beelden te kijken naar wat de anderen deden. Totdat ze nattigheid voelden aan het voeten. Belle en Jade hadden een moeras gevormd, waar Chico en Jaume langzaam in zakten. Verwoed spartelden ze met hun benen, maar dat zorgde er alleen maar voor dat ze er sneller inzakten. Ze lieten hun fakkels vallen op het gras, dat een beetje vlam vatte. Gelukkig had Jade het op tijd door. Ze liet een golfje water over de oppervlakte glijden, zodat de schroeiplekken verdwenen.

18:02

De gele, irritante messings sprongen met grote sprongen over het hek heen. ‘Ah nee.’ hoorde je Eban luid zeggen. ‘Eban, weggooien die handel!’ riep Dean vanuit de hoge kruk naar hem. Hij salueerde een keer naar zijn opa die terugsalueerde. ‘VUUR!’ Met veel krachtige energie sloeg Eban op zijn ring en het vuur verspreidde zich als een muur tegen het hek aan. De messings sprongen recht de vlammen in. Het leek wel of ze smolten als sneeuw voor de zon. Enkele exemplaren wisten toch uit het vuur te komen. Daar had de familie nog best een hele kluif aan. Ze klommen omhoog via je benen en beten je kleren en huid kapot. Gelukkig hadden de meesten een schermersvest aan, die waren iets dikker.

18:08

Izzy en Jaade stonden aan de andere kant van het terrein, bij de grote toegangspoort. Ze leunden tegen een lantaarnpaal aan waar een grote uilenkop op stond. Ze schrokken toen Íñigo, Viçenc en Miquel plotseling naast hen opdoken. ‘Wat doen we nu Iris?’ vroeg Jaade verscholen. ‘Ah, jij weet het niet?’ ‘Jij wel zusje?’ Viçenc pakte Iris bij haar armen beet en kneep bijna haar polsen door. Ondertussen pakten Íñigo en Miquel Jaade beet. ‘Blijf van me af lelijkerd!’ riep Jaade. Iris zette haar tanden in Viçenc vlees. In het Spaans schold hij haar uit. Iris knipoogde naar Jaade. Haar ring stootte een gele kleur af en op het moment dat Viçenc, Miquel en Íñigo naar boven keken, kwamen die grote, stalen uilenkoppen naar beneden vallen. BOING! Giechelend renden de meiden weg.

18:21

Naast enkele omgevallen beelden stonden Chico en Jaume met een besmeurde broek. Ze stonken vreselijk. Jaume keek om zich heen of iemand hen zag. Iedereen was bezig met andere wezens of mensen. Hij wilde oversteken, maar werd door Chico tegen gehouden. Chico wees naar een man die op een hoge kruk stond. Hij had hen niet door. Stilletjes slopen ze door de beeldentuin richting de kampvuurplaats. De koude stenen waren vochtig door de zachte regen. Chico nam een sprint. Dwars door de tuin van Villa Veertig. ‘Dean, pas op!’ riep Christophe Ossenberg door de menigte en het geschreeuw. Hij hoorde niks door zijn eigen geschreeuw naar mensen toe. Chico rende met alle kracht en duwde met zijn volle gewicht tegen de hoge kruk aan, dat met een oorverdovende knal op de grond terechtkwam. De bruine haren van opa Dean kleefden aan de vloer vast. Dean lag op de grond en verroerde geen vin.  Een straaltje bloed droop net boven zijn oor uit. Hij had zijn hoofd dodelijk gestoten bij zijn val.

18:33

Een lachende man kwam door de achterpoort het terrein opgelopen. Met flinke passen maakten de kraaierige poten afdrukken in het gras. ‘Good evening people. How are you?’ ‘Velasquez.’ zei Eban zacht. ‘Yes, dear boy. Good to see you!’ Velasquez lachte en liep met grote passen langs Ilona. Hij hield halt toen hij vlak voor voor Eban’s gezicht stond. Naast hen lag het lichaam van opa Dean van Bunder. ‘Arme man.’ zei Velasquez in gebrekkig Nederlands. Eban voelde zijn hartslag omhoog gaan en zijn adamsappel in zijn keel kloppen. Druk kibbelend kwamen Iris en Isa aangelopen. Ze bleven stokstijf staan toen ze Velasquez zagen. ‘Of course. The witches are here too. What ben ik blij jullie te sien.’ Isa ontdooide het snelst. ‘Velasquez. Tell what you want to tell.’ ‘Athol, where is your ring?’ vroeg de Spanjaard toen hij Athol in zijn ooghoeken zag.

‘Sorry meneer Tallamanto. Ik heb geen ring.’ zei Athol eigenwijs in het Nederlands. Hij liet zijn handen zien. Geen paarse ring aan te bekennen. Velasquez’s ogen keken in die van Eban, die een stap naar achter zette. Vanaf Eban keek Velasquez de grote kring rond. Zijn ogen bleven hangen op Gavin. ‘Gavin.’ zei hij luidkeels. ‘Si, señor.’ ‘Dame el anillo de tu padre.’ ‘Wat zegt hij?’ vroegen mensen om hem heen. ‘Hij zegt dat ik hem papa’s ring moet geven.’ Ze keken naar het lichaam van Dean, dat daar nog levenloos op de grond lag. ‘Gavin, geef Velasquez Dean’s ring.’ zei Athol rustig. Mensen keken geschokt. Gavin knikte, terwijl Athol zijn handen in elkaar had geslagen en rustig afwachtte. Met kleine pasjes liep Gavin naar zijn vader toe en pakte de ring van zijn koude vinger af. Hij knikte een keer naar het lichaam en draaide zich toen om naar Velasquez. De familie, vrienden en kennissen keken toe.

18:52

Velasquez pakte de ring bruut van Gavin af. Chico, die naast Velasquez stond, stond ineens vliegensvlug naast Gavin met een stuk touw. Hij deed de touwen vakkundig om zijn middel heen, maar voordat hij de knoop kon maken, stond Iris van de Timp al naast hem en met een zwaai van haar toverstok lagen alle mensen van de Gemeenschap op de grond. Velasquez stond op en prompt stond de hele omheining van Villa Veertig in brand. Het vuur breidde zich razendsnel uit, dat de leden van de Gemeenschap snel naar achter liepen om tegen het gebouw aan te staan. De leden probeerden met hun ringen het vuur uit te doven, behalve een jongeman. Eban stond dichtbij het vuur met Manel tegenover hem. Op het schermvest van Eban waren een paar bloedstrepen te zien, maar verder zag hij er nog netjes uit. Manel liep rondjes om Eban, die daar op zijn beurt duizelig van werd. Ineens greep de 21-jarige Spanjaard Eban bij zijn keel. Eban, die bijna tien centimeter groter was, beukte met zijn hoofd tegen de zijne. Zodat zijn eigen tanden door zijn lip gingen. Manel zag even sterretjes en dat was voor Eban de kans om hem bij zijn lurven te pakken. Hij duwde hem tegen de grond en rolde hem zo door dat hij vanzelf naar beneden rolde, het vuur in. De vlammen voedde zich met het lichaam van Manel Tona i Feliu. De snee die hij had in zijn rechterwang gloeide spontaan op. Manel kon zich nog net omdraaien om Eban in zijn ogen te kijken. Daarna zakte zijn hoofd omlaag en had het vuur gewonnen.

19:13

Velasquez liet Nyle door middel van magie aan de kant gaan. Hij zag Eban staan, de jongen die één van zijn onderdanen had gedood. Zijn blik stond kil en Eban ontweek het liefste zijn bleke gele ogen. De witte ring met gele stippen die aan de witte handen van Velasquez zat, stootte een tel later ineens rood licht uit. Opeens zag Velasquez veel rode vlekken voor zijn handen. Hij stortte in elkaar. Miquel en Viçenc, de tweeling die het dichtste bijstond, vingen hun Heer van Spanje op. Zijn ogen rolden door zijn oogkassen heen. ‘Wat gebeurt er?’ vroeg Camelia. Ze keken automatisch allemaal naar Athol. Die een brancard met zijn ring toverde. ‘Take him.’ gebaarde hij naar de Gemeenschap. Isa transporteerde het lichaam van Velasquez op de brancard. ‘Ophoepelen!’ riep Nyle.  Heel snel zoals alles ging, droegen de leden van de Gemeenschap van Sant Pere Pescador hun leider naar buiten. Terug de donkere nacht in.

Lees hier deel 1 terug.

Gevecht om Villa Veertig deel 2
Loading Likes...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *