De Jongen #92 | De Jongen en het schaalmodel

De bekendste kerstliederen deden hun intrede in Huize Zonnebloem. Vroeg in de ochtend zong de jongen al mee met zijn lievelingskerstlied van A. van Kaefferensnel. Het refrein ging als volgt:

In de winter bouwen we een sneeuwpop
Met heel veel sneeuw en een dikke winterjas
Je maakt heel veel grapjes
En we gaan vaak op uitstapjes
Door een winterwonderland

‘Eban, eten!’ riep Ilona de jongen op deze vroege dinsdagochtend. De klok had half acht geslagen. Verschrikt keek de jongen op, deed de deur open op een kier, keek naar buiten en glipte toen stilletjes de trap af. In de eetkamer stond zijn bord en mok al klaar. ‘Ah, ben je daar eindelijk. Zo meteen staat Eline voor de deur en ben jij nog niet eens klaar. Hup, eet op.’ ‘Ook goedemorgen.’ zei Eban snel toen hij zijn bord en mok oppakte en ermee naar de woonkamer liep.

Oehoe, oehoe. De uilenklok had acht uur geslagen toen de bel ging. De jongen holde met zijn mantel en schooltas de trap af, zwaaide de voordeur open, zei dat Eline moest wachten en holde met zoveel haast door de gang, dat hij bijna tegen zijn moeder opliep. ‘Is er iets?’ zei ze verschrikt toen Eban tegen haar op botste. ‘Sorry mam, ik zocht je. Tot vanmiddag.’ Een kus drukte hij op de wang van Ilona en holde toen weer naar de voordeur. ‘He he. We kunnen nu eindelijk hoor.’ zei de jongen toen hij de deur achter zich dicht sloeg en op de fiets stapte. ‘Ik hoorde van Cid dat je van de trap af was gevallen.’ ‘Is dat zo?’ vroeg Eban. ‘Dat zei hij. Ik vraag aan jou of dat zo is.’ ‘Nou, niet echt gevallen. Meer ervan af gegleden.’ ‘Vol op je kont?’ vroeg ze vragend. Haar ogen knipperden toen ze Eban aankeek. ‘Nee, op mijn neus. Ik wou de trap oprennen.’ Eline  moest keihard lachen, zodat de hele straat meekeek.

‘Wat heb je daar?’ vroeg Anne toen ze bij Eban ging staan. ‘Dit is een schaalmodel van een stukje bos uit Mechelstein.’ zei hij en verschoof nog een boompje. ‘Indrukwekkend.’ Eban glimlachte naar haar en zei onzeker: ‘Dankje.’ ‘Graag gedaan hoor.’ De jongen concentreerde zich weer op zijn werk en stak papiertjes in de natte aarde. ‘Mooie glazen bak Eban.’ ‘Daar gaan we weer.’ zei Eban toen dit keer zijn docent, meneer van Juffer naast hem kwam staan. ‘Nee, echt waar. Ik denk dat je voor deze opdracht het beste wordt beoordeeld Eban. Het ziet er heel goed uit jongen.’ Eban moest een beetje gniffelen toen hij weer alleen was. In de glazen bak waren verschillende lagen zand te zien. De ene licht, de andere donker. De toplaag was van pure aarde. Hij porde een beetje tussen de boompjes die hij in de bak had gezet en voelde of zijn vinger nat was. Goedkeurend knikte Eban  en liep het lokaal uit.

‘In deze bak ziet u verschillende soorten zand in allerlei heuvels. Door het ijs dat werd voortgeduwd, ontstonden er heuvelruggen. De heuvelruggen bleven en zijn nooit veranderd. Dat is de Veluwe, hier op de foto te zien.’ zei Eban toen hij tijdens zijn presentatie op het bord wees naar een foto van de Veluwe. ‘Graag wil ik jullie meenemen naar het lokaal hiernaast, daar staan mijn schaalmodel.’ De jongen ging de rest voor naar het volgende lokaal. In het lokaal waren de tafeltjes aan de kant geschoven, behalve het tafeltje waar Eban’s project op stond. Op de grond stond nog een glazen bak en zakken met verschillende soorten zand. ‘Zie hier mijn schaalmodel van een stukje grond op de Veluwe. Je ziet door de verschillende lagen zand hoe oud de grond is. Hoe witter, hoe ouder.’

De jongen liep om zijn tafeltje heen naar de lege glazen bak. ‘Cid, kun je even helpen?’ ‘Tuurlijk. Wat moet ik doen?’ ‘Jij doet het zand in de bak en ik doe de volgende laag.’ zei Eban met een knipoog. Cid knikte en begon het zand uit de zak te laten stromen, zo, midden op de vloer. ‘Nee, Cid, wat doe je nou?’ vroeg meneer Van Juffer. ‘Huh? Zei uw iets?’ antwoordde Eban met een lachje, die  vrolijk een donkere laag zand op het witte zand goot. Na een tijdje lag al het zand op de rond en stond Feron met zijn handen voor zijn ogen toe te kijken. ‘En nu?’ vroeg hij. ‘Nu stamp ik het een beetje aan. Door de druk van mijn zolen wordt alles tegen elkaar aan gedrukt. In het echt gebeurt dat ook. De bovenste grondlagen worden ook tegen elkaar aangedrukt. Stamp, stamp, stamp.’ Eban sprong over het zand heen, zo hard, dat hij onderuit gleed door de gladheid. Cid, Steef en Eline moesten lachen. Meneer van Juffer hiep hem overeind. ‘Toch nog op je kont gevallen Eban.’ zei Eline met haar geweldige sarcasme. ‘Nou, bedankt mevrouw Van de Klomp.’

De Jongen en het schaalmodel
Loading Likes...